Kruistabellen
In een kruistabel kunnen de celfrequenties worden uitgedrukt als proportie of percentage van de rijtotalen of van de kolomtotalen. De verdeling van de relatieve frequenties, die we dan krijgen, wordt conditionele verdeling genoemd. Een relatieve celfrequentie is de schatting van de conditionele kans op een uitkomst van een rijvariabele gegeven een uitkomst van een kolomvariabele.
In het voorbeeld kan de conditionele kans op de uitkomst regelmatig gebruik van internet door mensen, die in de private sector werken (de voorwaarde) worden geschat op 21/74 = 0.284 of 28.4%. De kans op weinig of geen gebruik van internet in dezelfde subpopulatie kan worden geschat op 53/74 = 0.716 of 71.6%.

De conditionele kansverdeling van de variabele gebruik van internet in de private sector is dus {0.284, 0.716}. In de publieke sector is deze verdeling {0.545, 0.455}. In de kruistabel zijn deze conditionele kansen als percentages tussen haakjes toegevoegd.
Naarmate de conditionele kansverdelingen minder overeenkomen, zijn de betrokken variabelen meer geassocieerd. In het voorbeeld zijn gebruik van internet en werkzaam in publieke of private sector geassocieerd, maar omdat het hier een steekproef betreft moet n atuurlijk nog wel getoetst worden of dit voor de populatie, waaruit de steekproef afkomstig is, ook geldt.

Conditionele kansen kunnen ook per kolom worden uitgerekend. Welke conditionele kansverdeling wordt gekozen hangt af van de probleemstelling. De conditionele kansverdeling van de variabele werkzaam in de private of publieke sector in de subpopulatie van regelmatige internetgebruikers is {0.368, 0.632} en in de subpopulatie van niet regelmatige internetgebruikers {0.639, 0.361}, zie de kruistabel hierboven.