Statistische interpretatie van de regressie

Regressie-analyse

Toetsen van de regressiecoëfficiënten

Betrouwbaarheidsinterval van de regressiecoëfficiënten

ANOVA van de regressie

Analyse van de residuen

De analyse van de uitkomsten van een experiment door middel van lineaire regressie levert in de eerste plaats schattingen op van de parameters β0 en β van het model, de regressiecoëfficiënten b0 en b. Verder wordt een maat verkregen voor de spreiding van de residuen, de residuele variantie , of de residuele standaardafwijking, se. Met behulp van deze grootheden kan de regressie-analyse statistisch worden geïnterpreteerd.

De regressiecoëfficiënten, b0 en b, zijn kansvariabelen en kunnen statistisch worden getoetst en kunnen hun betrouwbaarheidsintervallen worden bepaald.

De residuele variantie, , kan gebruikt worden om een indruk te krijgen van de mate waarin het model bij de waarnemingen past. De determinatiecoëfficiënt is daarvoor een veel gebruikte maat, terwijl de ANOVA van de regressie een statistische toets mogelijk maakt.

Tenslotte kan door een (grafische) analyse van de residuen worden gecontroleerd of voldaan is aan de voorwaarden voor het mogen toepassen van lineaire regressie, nl. homoscedasticiteit en normale verdeling van de afwijkingen, ε, in het lineaire regressiemodel.