Hypothetisch-deductieve model
Een theorie is een beschrijving van een aantal samenhangende verschijnselen. De theorie verklaart hoe de verschijnselen samenhangen en voorspelt hoe zij veranderen als de omstandigheden worden gevarieerd.
Wetenschappelijk onderzoek draait geheel rond het bedenken, toetsen en bijstellen of verwerpen van theorieën. Dit cyclische proces wordt beschreven in het hypothetisch-deductieve model, een beschrijving van wetenschappelijk onderzoek die steunt op het werk van Karl Popper.
Een theorie is wetenschappelijk als zij onderzoekbaar is, dat wil zeggen als er toetsbare hypotheses uit kunnen worden afgeleid. Een hypothese is toetsbaar, als ze in een methodologisch correct opgezet onderzoek kan worden verworpen (falsifieerbaar is.)
Voorbeeld. De theorie, dat een geneesmiddel in een homeopathische (zeer grote) verdunning bij een bepaalde ziekte werkzaam is, is onderzoekbaar, omdat een vergelijkend onderzoek kan worden opgezet, waarin de werkzaamheid kan worden getoetst. Daarentegen is een theorie, die de werkzaamheid van een alternatieve geneeswijze verklaart uit de unieke interactie met een individuele patiënt, niet onderzoekbaar, omdat geen enkele proefopzet kan worden bedacht om de (on)juistheid van deze theorie aan te tonen. De eerste theorie verklaart weinig, maar is wel wetenschappelijk, de tweede theorie verklaart alles, maar is niet wetenschappelijk ('behoort niet tot het wetenschappelijk domein', zoals Popper zegt).